Samenwerking tussen zorgverleners: wat kunnen we leren uit het professioneel voetbal?

Recent verscheen er een nieuw artikel in het European Journal of Sport Science waarin de aandachtspunten voor een goede revalidatie na een sportblessure is beschreven vanuit een gemeenschappelijke visie: sportpsychologen en sportdiëtisten werken samen met wetenschappers, fysiotherapeuten en artsen om de terugkeer naar de sport zo efficiënt mogelijk te laten verlopen. De onderzoekers van het Gatorade Sport Science instituut, F.C. Barcelona, Manchester City F.C. en diverse universiteiten in de U.K. en U.S.A. hebben hierbij samengewerkt. Het resultaat is een erg mooie richtlijn met aanbevelingen vanuit de toppers uit het werkveld. Wij lazen dit artikel en hieronder lees je onze samenvatting met praktische handvatten wat jij hiervan kunt leren.

Samenwerking

Spier-, pees- en botblessures

Een blessure kan iedereen die sport overkomen. We spreken van een blessure als er sprake is van een fysieke klacht als gevolg van een training of wedstrijd, nog afgezien van het feit of een medische behandeling, of het overslaan van een training noodzakelijk is. Een blessure die leidt tot overslaan van trainingen/ wedstrijden creëert ‘time loss’: bij de professionele voetballers in de Premier League waar het artikel overgaat kost dat gemiddeld £209.000 (zo’n €231.000). Voor de amateursporter zal het optimaliseren van de blessuretijd eerder zitten in het verminderen van ‘time loss’ ten behoeve van het werk (niet kunnen werken door een verzwikte enkel, etc.), of in het plezier in de sport (sporten zonder klachten). Deze revalidatie kent een continuüm van herstel:

  • Return to participation (fysieke activiteit mogelijk (werk), maar nog geen sport)
  • Return to sport (sporten kan weer, nog niet op oude niveau)
  • Return to performance (sport op, of boven het oude niveau)

De huidige richtlijn kijkt met name naar spier-, pees- en botblessures welke zo’n 46% van alle blessures in het voetbal bedragen. 90% bevindt zich aan de grote spiergroepen van het onderlichaam. De hamstringblessure is bijvoorbeeld vaak het gevolg van sprinten op hoge snelheid en komt vaak weer terug. Andere blessures zijn het gevolg van trauma (contact met tegenstander, of niet-contact door hard afremmen/ van richting veranderen). Deze richtlijn kijkt vanuit meerdere specialisten hoe het herstel eruit moet zien, belangrijk hierbij zijn sportwetenschappen, fysiotherapie, coaching, kracht- en conditietraining, psychologie en voeding.

De interdisciplinare benadering

  1. De eerste stap is het aanwijzen van een sterke leider met een ervaren medisch getrainde achtergrond (arts, of fysiotherapeut). Deze is verantwoordelijk voor het stellen van de doelen/ mijlpalen en stelt deze door goed met iedereen (zorgverlener en jou als sporter) te communiceren. De sporter staat centraal binnen de revalidatie, waarbij de sporter empowered is (tools krijgt om feedback te geven, uitleg over de blessure, het verwachte herstel etc.) zodat deze feedback kan geven op het proces.
  2. Daarnaast is autonomie bij de sporter belangrijk. De sporter weet waarom hij/zij dingen doet, kan input leveren voor beslissingen en er wordt gedacht vanuit het perspectief van de sporter. Vertrouwen, concensus en ondersteuning zijn kernwoorden.

De acute fase

Dit is het moment van de blessure tot return to participation (duurt uren tot weken). Belangrijk is een snelle en juiste diagnose waarbij de return-to-performance wordt geschat met een minimaal risico op een nieuwe blessure. Wat kunnen de diverse specialisten:

Sportfysiotherapeut: opstarten van oefeningen, uitleg geven over de blessure en het herstel, mogelijke visualisatie training, fysiotherapeutische technieken.

Sportpsycholoog: begeleiden bij minder kunnen trainen om het lichaam te laten herstellen, uitleg geven over de pijn en het herstel (samen met de fysiotherapeut), visualisatie training kan nuttig zijn (inbeelden van bewegen, zonder daadwerkelijk te bewegen/ samen met fysiotherapeut) en doelen stelen voor mentale rust.

Sportdiëtist: aanpassen van het dieet aan de blessure. Het voedingsplan ondersteund hierbij het oefenprogramma: wordt er veel krachttraining gedaan en minder gevoetbald, dan is het bijvoorbeeld belangrijk de totale energie inname omlaag te doen en op microniveau de eiwitinname te verhogen en koolhydraatinname te verlagen. Een blessure kan echter ook extra energie kosten en dan moet er juist meer gegeten worden.

Sportarts: deze stelt de diagnose, kijkt of er medische/ farmacotherapeutische ondersteuning nodig is (pijnstillers, of andere medicatie), zet de lijntjes uit (of in samenwerking met de fysiotherapeut bij veel amateursporters).

De functionele fase

Hier draait het om het herstellen van de fysieke prestatie. Belangrijke sleuteloefeningen (kracht, uithoudingsvermogen, snelheid, lenigheid) worden opgestart. De rol van de fysiek trainer wordt in deze fase groter in samenspraak met de arts en fysiotherapeut. Belangrijk is de motivatie goed te houden (psycholoog) en negatieve prikkels te vermijden (bijvoorbeeld: roken, alcohol, medicatie, psychische tegenvallers).

Communicatie tussen de zorgverleners en de sporter blijft belangrijk en moet niet uitdoven in de revalidatie. Het gevoel van autonomie (weten wat belangrijk is, waarom dit belangrijk is en het gedrag hierop inrichting) is belangrijk voor de sporter. Immers, een sporter die weet waarom hij bepaalde dingen wel/niet moet eten, waarom bepaalde oefeningen goed zijn om te doen etc. en dit wil doen om weer klachtenvrij te kunnen sporter zal eerder geneigd zijn het juiste te doen.

De diëtist controleert de energiebalans en monitort het lichaamsgewicht/ de samenstelling. Een sporter kan door de blessure te veel/ te weinig zijn gaan eten wat negatieve gevolgen voor de sportbeoefening kan geven. Een samenwerking tussen de sportwetenschapper en de trainer kan inzicht geven in de omvang van de training (de sporter heeft deze week bijvoorbeeld 50% gedaan t.o.v. wat hij/zij normaal doet, de trainer weet dan waar de sporter staat).

Praktische aanbevelingen

Een blessure geeft kansen aan de sportdiëtist en sportpsycholoog om te laten zien wat hun rol is binnen de sportrevalidatie. In de ervaring van de auteurs zien zij veel sporters die vooraf negatief kijken naar de diëtist en psycholoog, die vervolgens de rest van hun voetbalcarrière trouw blijven aan deze specialisten. Het geven van tools aan de sporter geeft ook op lange termijn handvatten als de sport weer 100% hervat is. Een aantal dingen die zij nog warm aanbevelen zijn:

  • Vermijd alcoholinname tijdens het herstellen van een blessure;
  • Let op de energiebalans: je sport minder, eet daarom ook minder;
  • Let op de gezonde keuze (vette vis 2x per week, denk aan voldoende groentes/ fruit, drink voldoende, etc.)
  • Denk na over de periode na de blessure: een blessurepreventief programma kan de kans op een nieuwe blessure sterk verlagen.

Het huidige artikel bevestigd op veel plekken waar wij bij Het Fysiolab voor staan: samenwerking met diverse specialisten, gezonde keuzes op het gebied van voeding in samenspraak met de fysieke kant en dat alles bij een gezonde, psychologische, achtergrond.

Bij Het Fysiolab is Imke van den Bosch onze sportdiëtist. Heb je klachten door een blessure, of zoek je begeleiding bij het behalen van jouw doelen (gewicht verlagen, spiermassa vergroten). Neem dan contact met ons op.

Bronvermelding van het artikel: 
Ian Rollo, James M. Carter, Graeme L. Close, Javier Yanguas Leyes, Antonio Gomez, Daniel Medina Leal, Joan L. Duda, Donough Holohan, Sam J. Erith & Leslie Podlog (2020): Role of Sports Psychology and Sports Nutrition in Return to Play from Musculoskeletal Injuries in Professional Soccer: An Interdisciplinary Approach, European Journal of Sport Science, DOI: 10.1080/17461391.2020.1792558

Het Fysiolab

Afspraken kunnen gepland worden van maandag t/m zaterdag. Het Fysiolab is gevestigd in HAN SENECA.

Blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief